deouders.nl

Tijd voor actie!

Deouders.nl is een initiatief van 169 ouders (augustus 2024) die niet gehoord werden in de genderklinieken toen zij hun zorgen uitten.

HomeArtikelenNieuwe peiling: bijna twee derde van de Nederlanders wil terughoudender genderzorg voor minderjarigen

Beleid

Nieuwe peiling: bijna twee derde van de Nederlanders wil terughoudender genderzorg voor minderjarigen

Een representatieve peiling onder ruim vierduizend Nederlanders laat zien dat een grote meerderheid twijfelt aan puberteitsremmers voor kinderen en liever ziet dat Nederland de terughoudende koers van Engeland, Zweden en Finland volgt.

Nieuwe peiling: bijna twee derde van de Nederlanders wil terughoudender genderzorg voor minderjarigen

Hoe kijkt de gewone Nederlander eigenlijk naar genderzorg voor kinderen? Peil.nl, het onderzoeksbureau van Maurice de Hond, probeerde die vraag te beantwoorden met een representatieve peiling onder 4.179 respondenten, afgenomen eind juli en begin augustus 2026. Aanleiding was een opiniestuk van Pieter Omtzigt en anderen in Trouw, waarin zij pleitten voor meer terughoudendheid. De uitkomsten, gepubliceerd op 11 augustus, laten zien dat die oproep bij een ruime meerderheid van de bevolking aansluit.

Twijfel over puberteitsremmers, voorkeur voor gesprek

Het duidelijkste resultaat betreft de behandelvoorkeur: driekwart van de respondenten (75 procent) zegt de voorkeur te geven aan psychologische begeleiding die onderliggende gevoelens en twijfels verkent, boven het meteen starten van puberteitsremmers. Slechts 5 procent kiest expliciet voor puberteitsremmers als eerste stap; de rest weet het niet. Ook over de voorspelbaarheid van aanhoudende genderdysforie heerst scepsis: maar 19 procent van de Nederlanders vindt dat artsen betrouwbaar kunnen inschatten of de wens om van geslacht te veranderen blijvend is. Ruim 30 procent is het daar uitdrukkelijk mee oneens.

Internationale terughoudendheid als voorbeeld

Het meest sprekende cijfer volgt uit de vraag of Nederland net zo terughoudend zou moeten worden als Engeland, Zweden en Finland — landen die de afgelopen jaren, na eigen systematische literatuuronderzoeken zoals de Cass Review, hun beleid rond puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen hebben aangescherpt. 65 procent van de ondervraagden steunt die koerswijziging, tegenover 17 procent die dat afwijst. Ook over ouderlijk gezag bestaat een uitgesproken opvatting: 47 procent vindt dat ouders het recht moeten hebben om een medische behandeling van hun kind te weigeren, terwijl 32 procent vanaf zestien jaar juist meer autonomie bij de jongere zelf legt.

Wat dit voor ouders betekent

Voor ouders die worstelen met de vraag hoe ze moeten omgaan met de gendertwijfels van hun kind, bevestigt deze peiling vooral iets dat in de spreekkamer soms niet zo aanvoelt: terughoudendheid en eerst willen begrijpen wordt door een ruime meerderheid van de Nederlandse bevolking gedeeld, niet door een kleine, geïsoleerde groep. Dat kan net het verschil maken in een gesprek met een school, een huisarts of een behandelaar — het is geen individuele koppigheid, maar een breed gedragen maatschappelijke voorkeur voor zorgvuldigheid boven snelheid. Tegelijk laat de peiling ook de verdeeldheid zien: de antwoorden lopen sterk uiteen naar politieke voorkeur, opleidingsniveau en leeftijd, en er is bepaald geen unanimiteit. Wie deze cijfers in een gesprek gebruikt, doet er daarom goed aan ze te presenteren als wat ze zijn: een momentopname van de publieke opinie, niet als medisch bewijs op zichzelf.

Saskia Weijermars

Saskia Weijermars

Redactie

Veelgestelde vragen

Bronnen

Maurice de Hond / Peil.nl